Algemene informatie
De studie Human Technology is erop gericht technische producten toegankelijk(er) te maken in het gebruik. Alhoewel de studie een flinke component technische vakken kent, staat het bekijken van techniek door de ogen van de (niet deskundige) gebruiker centraal. Je bent in staat om productspecificaties te vertalen in praktische en toegankelijke informatie voor de consument; andersom weet je wat er speelt in de consumentenmarkt en ben je in staat om trends, vragen en behoeften te vertalen in opdrachten aan productontwikkelaars en technici.
De opleiding is opgebouwd uit thema’s, waardoor je steeds met betrekking tot een bepaald onderwerp, theorie en praktijk kunt verkennen en leren beheersen. Hoofdonderdelen daarbij zijn mens, markt, techniek, communicatie en projectmanagement. De technische component bestaat uit elektrotechniek, werktuigbouwkunde, informatica en bouwkunde. In het derde jaar start de voorbereiding op de arbeidsmarkt. Je volgt een keuzevak dat jou interesse heeft en doorloopt een stage. In het vierde jaar specialiseer je je door een technisch domein te kiezen en daarbinnen een mens- of marktgerichte benadering. Je sluit de studie af met een afstudeerstage van een half jaar.
Toelatingseisen
Havo-profielen: N&T, N&G, E&M, C&M met wiskunde A of wiskunde B
Vwo-profielen: alle profielen (wiskunde wordt aanbevolen)
Mbo: diploma op niveau 4.
Toekomstmogelijkheden
Als afgestudeerde kom je in aanmerking voor functies zoals application engineer, gebruikersonderzoeker, quality manager, projectleider, adviseur kwaliteit. Met het oog op de steeds mondiger wordende consument en de voortgaande technische ontwikkeling, mag je er vanuit gaan dat de kansen op een baan goed te noemen zijn.
Duur
Deze opleiding duurt 4 jaar.
Arbeidsmarkt |
|
| Percentage schoolverlaters met baan |
0.8%
|
| Gemiddelde brutomaandloon werkzame schoolverlaters |
€ 1976.27 |
| Percentage schoolverlaters met baan op zijn/haar niveau |
0.8%
|
| Percentage schoolverlaters met gunstig oordeel over aansluiting op arbeidsmarkt |
0.4%
|
| Percentage schoolverlaters achteraf tevreden over studiekeus |
0.6%
|
| Gemiddeld aantal maanden nodig om baan te vinden |
1.9 |
| Indicator toekomstige arbeidsperspectieven (tekst) |
redelijk |
Overige |
|
| Arbeidsmarkt Jaar |
2008 |
| Arbeidsmarkt Steekproef |
26 |
| Percentage schoolverlaters werkloos |
0.0%
|
| Percentage schoolverlaters dat is gaan doorstuderen |
0.1%
|
| Percentage schoolverlaters werkzoekend |
0.2%
|
| Percentage schoolverlaters niet actief |
0.1%
|
| Percentage schoolverlaters met vaste baan |
0.5%
|
| Percentage schoolverlaters met voltijd baan |
0.9%
|
| Indicator toekomstige arbeidsperspectieven (ITA) |
1.01 |
| Indicator conjuctuurgevoeligheid |
1.13 |
| Indicator conjuctuurgevoeligheid (tekst) |
hoog |
| Indicator uitwijkmogelijkheden |
17.58 |
| Indicator uitwijkmogelijkheden (tekst) |
erg hoog |
| Clusternaam |
0 |
| Percentage studenten dat meer dan 30 uur studeert |
34.9%
|
| Percentage studenten dat meer dan 1000 euro kwijt is aan studiekosten |
4.7%
|
| Contacturen per week |
9.36806 |
| Groepsgrootte van werkgroepen |
5.59065 |
| Gemiddeld aantal toehoorders bij hoorcolleges |
33.0238 |
| Percentage studenten dat een groepsgrootte onder de 100 meldt gegroepeerd |
98.7179 |
| Hoeveel uur per week gemiddeld aan een bijbaan besteed wordt |
12.9753 |
| Percentage studenten dat geen bijbaan heeft |
20.8205 |
| Percentage studenten dat een deel van de opleiding in het buitenland genoten heeft. |
0.1025 |
Studeren |
|
| Gemiddeld aantal studieuren |
28.6 |
| Gemiddelde studiekosten |
387.8 |
Bron: SKI database 2009