Algemene informatie
Per Hogeschool verschillen de differentiaties. (Informeer aldaar). De studie biedt een combinatie van het werktuig- bouwkundig gebied en de elektrotechniek. Er wordt geleerd technische systemen aan te leggen en te onderhouden. Elektrotechniek is vandaag de dag een onmisbaar element om processen en productiemiddelen te laten functioneren. Daarnaast dienen studenten kennis te hebben van bestaande processen en productiemiddelen. Mogelijke differentiaties zijn: baggertechnologie (sterkteberekeningen, materiaalkeuze, aansturing, bekrachtiging en regeltechniek), energietechnologie (pompen, elektrische installaties, regeltechniek), gas- en petroleum- winning (transport, onderhoud en vernieuwing) en haven- en transport logistiek. Tijdens een stagegedeelte wordt geleerd hoe de diverse technieken in de praktijk werken.
Vakken
bedrijfskunde; productietechniek; procestechniek; werktuigonderdelen; elektronica; elektrotechniek; informatica; meet- en regeltechniek; systeemkunde; bestrijdingstechnieken; ecologie
Toelatingseisen
mts-diploma met hbo-doorstroomcertificaat.
Profielen havo: N&G met natuurkunde of nl&t en N&T.
Profielen vwo: N&G met natuurkunde of nl&t, N&T, E&M met natuurkunde.
Toekomstmogelijkheden
Operationeel ingenieurs (ing.) kunnen terecht in de voedings- en genotsmiddelenindustrie, in de zuivelindustrie en bij productiebedrijven (als procesbegeleider of ontwikkelaar van nieuwe technieken). Maar ook de chemische en petrochemische industrie, energie- en waterwinningsbedrijven (ten behoeve van transport, onderhoud, vernieuwing) behoren tot mogelijke werkgebieden. Daarnaast komen afgestudeerden bij ingenieursbureaus of in andere technische of commerciële functies terecht (als ontwerper of adviseur).
Duur
Deze opleiding duurt 4 jaar.
Algemeen |
|
| Studentenoordeel Inhoud |
7.6 |
| Studentenoordeel Keuzeruimte |
6.1 |
| Studentenoordeel Samenhang |
7.0 |
| Studentenoordeel Werkvormen |
6.8 |
| Studentenoordeel Voorbereiden loopbaan |
6.9 |
| Studentenoordeel Docenten |
7.0 |
| Studentenoordeel Communicatie |
6.2 |
| Studentenoordeel Studeerbaarheid |
6.5 |
| Studentenoordeel Gebouwen |
7.3 |
| Studentenoordeel Faciliteiten |
7.4 |
| Studentenoordeel Totaalscore |
6.9 |
Arbeidsmarkt |
|
| Percentage schoolverlaters met baan |
0.9%
|
| Gemiddelde brutomaandloon werkzame schoolverlaters |
€ 2073.69 |
| Percentage schoolverlaters met baan op zijn/haar niveau |
0.9%
|
| Percentage schoolverlaters met gunstig oordeel over aansluiting op arbeidsmarkt |
0.9%
|
| Percentage schoolverlaters achteraf tevreden over studiekeus |
0.9%
|
| Gemiddeld aantal maanden nodig om baan te vinden |
0.5 |
| Indicator toekomstige arbeidsperspectieven (tekst) |
goed |
Overige |
|
| Arbeidsmarkt Jaar |
2008 |
| Arbeidsmarkt Steekproef |
23 |
| Percentage schoolverlaters werkloos |
0.0%
|
| Percentage schoolverlaters dat is gaan doorstuderen |
0.0%
|
| Percentage schoolverlaters werkzoekend |
0.1%
|
| Percentage schoolverlaters niet actief |
0.0%
|
| Percentage schoolverlaters met vaste baan |
0.8%
|
| Percentage schoolverlaters met voltijd baan |
1.0%
|
| Indicator toekomstige arbeidsperspectieven (ITA) |
0.98 |
| Indicator conjuctuurgevoeligheid |
1.13 |
| Indicator conjuctuurgevoeligheid (tekst) |
hoog |
| Indicator uitwijkmogelijkheden |
16.01 |
| Indicator uitwijkmogelijkheden (tekst) |
erg hoog |
| Clusternaam |
0 |
| Percentage studenten dat meer dan 30 uur studeert |
22.7%
|
| Percentage studenten dat meer dan 1000 euro kwijt is aan studiekosten |
4.9%
|
| Contacturen per week |
10.5482 |
| Groepsgrootte van werkgroepen |
5.56266 |
| Gemiddeld aantal toehoorders bij hoorcolleges |
18.4895 |
| Percentage studenten dat een groepsgrootte onder de 100 meldt gegroepeerd |
100 |
| Hoeveel uur per week gemiddeld aan een bijbaan besteed wordt |
19.1627 |
| Percentage studenten dat geen bijbaan heeft |
17.1554 |
| Percentage studenten dat een deel van de opleiding in het buitenland genoten heeft. |
0 |
Studeren |
|
| Gemiddeld aantal studieuren |
24.3 |
| Gemiddelde studiekosten |
539.9 |
Bron: SKI database 2009