Algemene informatie
In de voedingsmiddelentechnologie doe je kennis op over voedsel en voeding, grondstoffen en eindproducten, chemie en microbiologie. Ook leer je herkennen waar en hoe de verschillende vakken toegepast kunnen worden in de praktijk. De technologie wordt ook in de praktijk getoetst in het praktisch/stage gedeelte. Ook krijgen de studenten vakken op het gebied van spreken in het openbaar en management. Bij dit laatste is het van belang dat studenten zowel met productiekernen als klantenwensen overweg kunnen. Na je propedeuse kun je - afhankelijk van de opleiding - differentiëren. Je kunt je specialiseren in o.a. biotechnologie (toepassen van kennis over micro-organismen), kwaliteitszorg (bewaking kwaliteit van grondstof tot eindproduct), productontwikkeling (met kennis inspringen op de wensen van de klant), procesontwikkeling (na de ontwikkeling van een product dit productierijp maken) en marketing (trends opmerken).
Vakken
biologie; grondstoffen en eindproducten; voedingsleer; levensmiddelenmicrobiologie; procestechnologie; kwaliteitsbeheer; productietechnologie; meet- en regeltechniek; levensmiddelenchemie; marketing
Een voorbeeld van een specialisatie die je in het vierde jaar kunt volgen is Voeding & Management.
Toelatingseisen
Profielen havo-diploma: E&M met wiskunde A en scheikunde, N&G, N&T.
Profielen vwo-diploma: N&G, N&T, E&M wiskunde A en scheikunde.
Een relevante mbo-opleiding (niveau 4) met voldoende wiskunde en scheikunde.
Toekomstmogelijkheden
Je kunt gaan werken als verkoper; deze is het aanspreekpunt voor de klant: met technische kennis kan de klant geadviseerd worden. Ook het optimaliseren van productieprocessen en het uitvoeren van kwaliteitsbewaking zijn mogelijkheden. Bij de ontwikkeling van produkten kan meegewerkt worden aan het optimaliseren van de verkoop- en marketingplanning. Zowel productiebedrijven, onderzoeks- of controle-instellingen als marketingbureaus zijn mogelijke werkgevers. Opdrachten waarin warenwet, milieuzaken, marktonderzoek etc. voorkomen zijn het werkterrein van de levensmiddelentechnoloog. Voorbeelden van actuele activiteiten zijn nieuwe toetjes bedenken voor een voedingsmiddelenproducent of de marketing rond een nieuw product coördineren.
Duur
Deze opleiding duurt 4 jaar.
Algemeen |
|
| Studentenoordeel Inhoud |
7.5 |
| Studentenoordeel Keuzeruimte |
6.8 |
| Studentenoordeel Samenhang |
7.4 |
| Studentenoordeel Werkvormen |
7.1 |
| Studentenoordeel Voorbereiden loopbaan |
7.4 |
| Studentenoordeel Docenten |
7.7 |
| Studentenoordeel Communicatie |
5.7 |
| Studentenoordeel Studeerbaarheid |
7.2 |
| Studentenoordeel Gebouwen |
8.0 |
| Studentenoordeel Faciliteiten |
8.1 |
| Studentenoordeel Totaalscore |
7.3 |
Arbeidsmarkt |
|
| Percentage schoolverlaters met baan |
0.9%
|
| Gemiddelde brutomaandloon werkzame schoolverlaters |
€ 2080.71 |
| Percentage schoolverlaters met baan op zijn/haar niveau |
0.7%
|
| Percentage schoolverlaters met gunstig oordeel over aansluiting op arbeidsmarkt |
0.7%
|
| Percentage schoolverlaters achteraf tevreden over studiekeus |
0.9%
|
| Gemiddeld aantal maanden nodig om baan te vinden |
0.5 |
| Indicator toekomstige arbeidsperspectieven (tekst) |
redelijk |
Collegegeld |
|
| Standaard tarief collegegeld |
€ 1620.00 |
| Tarief collegegeld deeltijd studenten jonger dan 30 jaar |
€ 1620.00 |
| Tarief collegegeld deeltijd studenten ouder dan 30 jaar |
€ 1620.00 |
| Tarief collegegeld duaal studenten |
€ 1620.00 |
Overige |
|
| Arbeidsmarkt Jaar |
2008 |
| Arbeidsmarkt Steekproef |
38 |
| Percentage schoolverlaters werkloos |
0.0%
|
| Percentage schoolverlaters dat is gaan doorstuderen |
0.1%
|
| Percentage schoolverlaters werkzoekend |
0.2%
|
| Percentage schoolverlaters niet actief |
0.0%
|
| Percentage schoolverlaters met vaste baan |
0.4%
|
| Percentage schoolverlaters met voltijd baan |
0.9%
|
| Indicator toekomstige arbeidsperspectieven (ITA) |
1.03 |
| Indicator conjuctuurgevoeligheid |
0.9 |
| Indicator conjuctuurgevoeligheid (tekst) |
laag |
| Indicator uitwijkmogelijkheden |
4.79 |
| Indicator uitwijkmogelijkheden (tekst) |
gemiddeld |
| Clusternaam |
0 |
| Percentage studenten dat meer dan 30 uur studeert |
48.4%
|
| Percentage studenten dat meer dan 1000 euro kwijt is aan studiekosten |
0.0%
|
| Contacturen per week |
17.2106 |
| Groepsgrootte van werkgroepen |
5.50518 |
| Gemiddeld aantal toehoorders bij hoorcolleges |
20.4644 |
| Percentage studenten dat een groepsgrootte onder de 100 meldt gegroepeerd |
100 |
| Hoeveel uur per week gemiddeld aan een bijbaan besteed wordt |
10.9354 |
| Percentage studenten dat geen bijbaan heeft |
32.3629 |
| Percentage studenten dat een deel van de opleiding in het buitenland genoten heeft. |
0.0491533 |
| Hoog tarief collegegeld |
€ 1620.00 |
| Extra studiekosten |
€ 422 |
Studeren |
|
| Gemiddeld aantal studieuren |
32.7 |
| Gemiddelde studiekosten |
396.6 |
Bron: SKI database 2009