Algemene informatie
Deze opleiding richt zich op de religie en op Godsdienstwetenschap, letteren, sociologie, psychologie en theologie. Onze maatschappij biedt een veelheid aan religieuze vormen en levensbeschouwelijke opvattingen en normen. Die veelheid roept verschillende vragen op. Ten eerste de vraag naar de juiste informatie. Wat geloven al deze verschillende mensen? Het blijkt dat men vaak weinig weet van het verschijnsel religie en van de verschillende vormen daarvan. De tweede vraag is hoe we met zoveel verschillende vormen van religie in een maatschappij op een goede manier kunnen samenleven. Deze vragen zorgen ervoor dat er steeds meer behoefte komt aan kennis over religies, hun belijders en hun betekenis voor cultuur en maatschappij.
In de opleiding religie en levensbeschouwing bestudeer je deze vragen vanuit verschillende invalshoeken. De studie is in te delen in drie gebieden: introductie in diverse grote wereldreligies, de systematische doordenking van de verschillende religies en de plaats van religies in de huidige, pluralistische maatschappij.
Vakken
- Inleiding religie en plurale cultuur
- Geschiedenis van de filosofie
- Hindoeïsme
- Boeddhisme
- Politieke filosofie
Toelatingseisen
Vwo-profielen: C&M, E&M, N&G, N&T
Toekomstmogelijkheden
Als afgestudeerde kun je je studie voortzetten middels een masteropleiding. Maar je kunt natuurlijk na je bachelor al direct aan de slag. Je vindt afgestudeerden in de media, in het sociaal en maatschappelijk werk en in de journalistiek. Maar ook als gemeentelijk, nationaal of internationaal beleidsmedewerker of als projectmedewerker of publiciteitsmedewerker bij non-profitorganisaties die zich richten op de dialoog tussen en integratie van verschillende religies en culturen.
Je zult begrijpen dat je als bachelor in een lagere functie start dan wanneer je je masteropleiding hebt afgerond.
Duur
Deze opleiding duurt 3 jaar.
Arbeidsmarkt |
|
| Indicator toekomstige arbeidsperspectieven (tekst) |
zeer goed |
Overige |
|
| Indicator toekomstige arbeidsperspectieven (ITA) |
0.7 |
| Indicator conjuctuurgevoeligheid |
1.11 |
| Indicator conjuctuurgevoeligheid (tekst) |
hoog |
| Indicator uitwijkmogelijkheden |
2.58 |
| Indicator uitwijkmogelijkheden (tekst) |
laag |
| Clusternaam |
0 |
| Percentage studenten dat meer dan 30 uur studeert |
28.6%
|
| Percentage studenten dat meer dan 1000 euro kwijt is aan studiekosten |
0.0%
|
| Contacturen per week |
8.58333 |
| Groepsgrootte van werkgroepen |
9.8 |
| Gemiddeld aantal toehoorders bij hoorcolleges |
23.9545 |
| Percentage studenten dat een groepsgrootte onder de 100 meldt gegroepeerd |
100 |
| Hoeveel uur per week gemiddeld aan een bijbaan besteed wordt |
12 |
| Percentage studenten dat geen bijbaan heeft |
37.5 |
| Percentage studenten dat een deel van de opleiding in het buitenland genoten heeft. |
0.166667 |
Studeren |
|
| Gemiddeld aantal studieuren |
27.0 |
| Gemiddelde studiekosten |
405.6 |
Bron: SKI database 2009