Marnix Academie - Lerarenopleiding basisonderwijs (pabo)
Instelling:
Marnix Academie
Vestigingen in:
Utrecht
Opleidingsniveaus:
HBO Bachelor
Bezoekersadres:
Vogelsanglaan 1, 3571 ZM Utrecht
Postadres:
Vogelsanglaan 1, 3571 ZM Utrecht
Voltijd regulier bij Marnix Academie Marnix Academie - Lerarenopleiding basisonderwijs (pabo)
De voltijdopleiding leraar basisonderwijs duurt in principe vier jaar en is opgebouwd uit een major- en minorfase. Beide fasen omvatten twee jaar, maar het uitgangspunt is dat je kan versnellen of vertragen. Dit is mede afhankelijk van de kennis en ervaring die je als student al hebt bij aanvang van de studie. We spreken daarom ook liever van fasen dan van jaren.
Het kernprogramma is de majorfase en omvat de eerste twee jaar van de studie. In de majorfase gaat het om de basisbekwaamheden van de leraar. Wat moet je allemaal weten van leerlingen in het basisonderwijs? Welke vaardigheden moet je beheersen om in het basisonderwijs te kunnen werken? Hoe geef je de verschillende vakken die op het rooster staan? Het gaat in deze fase dus om vakkennis en vakdidactiek aangevuld met algemene beroepsvaardigheden.
Voorbeelden van vakgebieden zijn: rekenen, Nederlands, bewegingsonderwijs, Engels, oriëntatie op mens en wereld (aardrijkskunde, natuuronderwijs, geschiedenis, gezondheidskunde, techniek), beeldende vorming, schrijven.
Tijdens de minorfase ga je de diepte in en kies je een aantal specialisaties: de minors. In de minorfase kies je ook voor de specialisatie jonge kind (vier- tot achtjarigen) of oudere kind (negen- tot twaalfjarigen). Uiteraard ben je na je afstuderen wel voor het hele basisonderwijs bevoegd, maar je bent gespecialiseerd in een bepaalde leeftijdgroep.
Het kernprogramma is de majorfase en omvat de eerste twee jaar van de studie. In de majorfase gaat het om de basisbekwaamheden van de leraar. Wat moet je allemaal weten van leerlingen in het basisonderwijs? Welke vaardigheden moet je beheersen om in het basisonderwijs te kunnen werken? Hoe geef je de verschillende vakken die op het rooster staan? Het gaat in deze fase dus om vakkennis en vakdidactiek aangevuld met algemene beroepsvaardigheden.
Voorbeelden van vakgebieden zijn: rekenen, Nederlands, bewegingsonderwijs, Engels, oriëntatie op mens en wereld (aardrijkskunde, natuuronderwijs, geschiedenis, gezondheidskunde, techniek), beeldende vorming, schrijven.
Tijdens de minorfase ga je de diepte in en kies je een aantal specialisaties: de minors. In de minorfase kies je ook voor de specialisatie jonge kind (vier- tot achtjarigen) of oudere kind (negen- tot twaalfjarigen). Uiteraard ben je na je afstuderen wel voor het hele basisonderwijs bevoegd, maar je bent gespecialiseerd in een bepaalde leeftijdgroep.
